Katapult logo
  • Home
  • Contact
  • Groeiroman
  • Kort Verhaal
    • Proza brokje
  • Brieven
    • Ik ben diegene die u zoekt
  • Heupschot
Pachtland – 4.2. Bennink
  • Groeiroman
feb17

Pachtland – 4.2. Bennink

door Martijn Boven

We hebben pa’s naakte lichaam – dat volgens zijn laatste wensen zonder kleren of andere bezittingen begraven moet worden – nog maar net in de kuil laten zakken, als in de verte een doffe knal klinkt. Met de schoppen nog in de handen kijken we elkaar zwijgend aan. Ikzelf, Brongers, Udema en Levi. Ieder van ons kent het knetterende monster dat elke zoveelste minuut een doffe knal uitbraakt. Ieder van ons weet wat er op handen is. Het veld achter pa’s boerderij is gehuld in een vochtige regendamp. Pa is nog geen twee dagen dood, maar de ontbinding is al ingezet. Het regenwater dat de kuil steeds verder vult, slobbert gulzig aan zijn lichaam. Een geur van rottend water dringt onze neusgaten binnen en benevelt onze hersens zodanig dat we in die dikke klonterige brij geen enkel gevoel, geen enkele gedachte meer aantreffen. We staren nog enkel nog voor ons uit, terwijl de onregelmatige, doffe knallen al sterker aanzwellen en nu ook het geknetter hoorbaar wordt.

»»
Pachtland – 4.1. Roggeveen
  • Groeiroman
feb10

Pachtland – 4.1. Roggeveen

door Bram Esser

Grevingh, of de Kop zoals ik hem al snel noem, lijkt schijnbaar onbewogen naar mijn verhaal te luisteren. Zijn enorme handen liggen met hun ruggen op zijn bovenbenen. Zo nu en dan spant hij ze aan tot een vuist. Het lijkt een vorm van ademhalen te zijn, in en uit, eerst de ene dan de andere hand. Terwijl de Kop tussen halfgesloten oogleden naar me loert, leiden zijn handen een eigen leven. De man en zijn houten troon, hij lijkt er haast mee samen te vallen. Een massief blok in het midden van de kamer. Was dat opzet? Nergens meubels of schilderijen aan de muur. Niets om het aangenaam te maken. Mijn verhaal, mijn idealisme om het zo maar eens te noemen, lijkt hier stuk te slaan op totale onbeweeglijkheid en desinteresse. Alleen toen ik het had over de begrafenis die ik zag op weg naar de borg, leek er iets te gebeuren, niet dat zijn handen hun ritme lieten verstoren, maar zijn linkerooglid trilde iets. Nu gaan zijn ogen open, hij kijkt me aan. ‘Ik heb geen kinderen,’ zegt de Kop, ‘al mijn kinderen zijn mislukt. Mijn imperium zal samen met mij ten onder gaan. Waarom zal ik u dan uw zin geven meneer de polderprofessor? Waarom zal ik u nou laten dansen op de ruïnes van mijn ondergang?’ Ik meen een cynisch lachje te zien. Een mondhoek die iets omhoog krult.

»»
Nr. 24
  • Heupschot
feb09

Nr. 24

door Kostja M.

‘Ik kom zo bij je in de buurt’ en andere meningen van de broodschrijver over goedkope tekst aan de telefoon. Hey schat… In de supermarkt. Chocopasta was op en liefde moet gesmeerd, als je me voelt. Wat? Ja: rij 17 bij de bleek en de kolenscheppen; als we nog eens een van die...

»»
Pachtland – 3.4. Bennink
  • Groeiroman
feb03

Pachtland – 3.4. Bennink

door Martijn Boven

In het aanzwellende geroezemoes dat het onverwarmde klaslokaal met bleke woorddampen vult — het resultaat van de ademtocht van zeventien jeugdige stoomturbines — ontwaar ik opeens een gerucht, een vermoeden of wat het ook is. Iets over Miriam Levi en Sicco Reinders. Ik bespeur schichtige blikken en heimelijke verstandhoudingen; maar uit geen van de geluiden die mijn oor binnensijpelen, is af te leiden wat er precies gaande is. Grevinghs vrouw was een Reinders. Tussen de beide families bestaan nauwe banden. Ik sta op en loop in de richting van mijn kantoortje achter in de klas. Van hieruit ontrafel ik de ingewikkelde vertakkingen van Grevinghs bedrog steeds verder. Het is het zenuwcentrum van mijn onderzoek. Ooit moet hier een keuken gezeten hebben, want over de hele breedte zitten er nog buizen in de muur. Ruim een jaar geleden heb ik die buizen zelf ontdekt. Sinds ik met een schroevendraaier de troep eruit heb gebikt, verschaffen de buizen me een fijnzinnig instrumentarium. De toestand van mijn jeugdige stoomturbines kan ik er op elk gewenst moment mee beluisteren.

»»
Metropolis X – 1.1. Opstand der Barbaren
  • Kort Verhaal
feb03

Metropolis X – 1.1. Opstand der Barbaren

door Bram Esser

We schrijven 1 juni 1854, pension La Cravache, vroeg in de ochtend. Iets tikt tegen de kamerdeur, maar Cornelis Borgman weet direct wat het is. Het zijn morsecodes van Madame Bernard dat hij op moet staan. Ze houdt er niet van als op woensdag haar gasten, inclusief de permanente bewoners, in het pension blijven. Woensdag is schoonmaakdag en dan heeft Madame het liefst dat haar gasten pas tegen de avond weer terugkomen. Borgman komt kreunend overeind.

»»
Pachtland – 3.3. Roggeveen
  • Groeiroman
jan27

Pachtland – 3.3. Roggeveen

door Bram Esser

‘Meneer de burgemeester,’ zeg ik na bedachtzaam op een door zijn vrouw klaargemaakte sperzieboon te hebben gekauwd en deze te hebben doorgeslikt, ‘laten we eens de opties voor een referendum op tafel leggen.’ De sperzieboon smaakte goed, sappig en fris. Het is geruststellend om te weten dat er ook andere dingen dan mist uit de bodem van deze streek kunnen komen.’ Het is van belang dat mijn ambtenaren voor het einde van de maand de bouwfases nog op de kalender kunnen zetten. Nico is vanmorgen reeds vertrokken met een vrachtwagen van het ministerie die hem vanuit Delfzijl op weg naar het westen heeft opgepikt. Nico leek blij te zijn dat hij weg kon.

»»
Nr. 73
  • Heupschot
jan25

Nr. 73

door Kostja M.

Sleutelheupschot, of: de broodschrijver schuift onwillig aan bij de redactievergadering en verlaat de zaal met een gevulde tas. Betreft:  Notulen overleg 37b t.a.v. plannen voor de toekomst van het literatuurplatform ‘Schampschot’ Aanwezig:   voorzitter 1, voorzitter 2, voorzitter 3,...

»»
Pachtland – 3.2. Levi
  • Groeiroman
jan20

Pachtland – 3.2. Levi

door Piet Devos

‘Sam, wat moest die Hebe van je?’ Lidia heeft hem natuurlijk vanuit het keukenraam zien wegfietsen en denkt nu vast dat deze ochtendlijke visite verband houdt met gisteravond. In haar stem klinkt nog steeds een zweem van de verontwaardiging waarmee ze, na thuiskomst, op de agenten heeft gefoeterd. ‘Het scheelde niet veel of ze waren Bennink te lijf gegaan! Is dit nu wat je noemt de openbare orde bewaren?’ Ook Miriam was danig geschrokken van de openlijke confrontatie, omdat ze nog niet goed begrijpt welke belangen hier op het spel staan. Ik probeerde haar uit te leggen dat de politie niet zozeer de ingenieur, als wel onze landheer in bescherming had willen nemen. ‘Dat mag wel zo zijn,’ riposteerde Lidia scherp, ‘maar ondertussen legden ze Bennink wel mooi het zwijgen op, terwijl hij de plannen van die Roggeveen bekritiseerde. Weten wij veel of die kerel niet onder één hoedje speelt met Grevingh.’ Daar had ze wel een punt, al zag ik niet meteen in welk voordeel er voor de landheer uit die inpoldering te halen viel. Maar je wist het inderdaad nooit met die sluwe vos.

»»
Pachtland – 3.1. Hebe
  • Groeiroman
jan13

Pachtland – 3.1. Hebe

door Konstantin Mierau

Zondagochtend in de schemering, dan gaan ze op huis aan: de stropers en de smokkelaars, de voortvluchtigen, de overspeligen en de bastaarden. Gebukt jagen ze over het veld, rap, de baard op de schouders, de nerveuze sprongen van een konijn, elkaars blikken ontwijkend richting huis, de achterdeur in, poetsen en snoeien, en even later de voordeur uit. Oprecht, ingepakt en ingehaakt, met bedeesde tred richting dominee.

»»
Nr. 43
  • Heupschot
jan09

Nr. 43

door Kostja M.

De zon lacht op de mens die zijn eigen geluk maakt, en andere meningen van de broodschrijver over zijn vak. Hey schat, ja hier onder de auto, dode kat weg aan het schrapen. Ik mis nog de linkerpoot. Alleen een hele poes levert geld op. Luister goed, er borrelt een verhaal, heus, met...

»»
Pachtland – 2.4. Bennink
  • Groeiroman
jan06

Pachtland – 2.4. Bennink

door Martijn Boven

Als de ingenieur is uitgesproken, maken de gelaarsde uniformen zich los van de deurpost waar ze al de hele avond aan vastgekleefd zitten, de een binnen, de ander buiten. Ze hebben hun instructies. Zou Grevingh het nu al op een akkoordje gegooid hebben met de ingenieur? Of zijn ze hier slechts als verkenners? De ingenieur heeft ondertussen voedsel laten aanrukken. Hij denkt kennelijk dat de kwestie hiermee is afgedaan. Is het minachting? Of toch naïviteit? De moerassen van zijn verwende geest zijn zo diep dat er na jaren van inpoldering nog steeds geen droog land is verkregen. ‘Meneer Roggeveen,’ begint dominee Thaden al te murmureren, ‘u vergeet klaarblijkelijk dat u hier niet het Woord Gods predikt waarop geen enkel mens een weerwoord heeft.’ De ingenieur herstelt zich direct. ‘U vergist zich, beste man. Er is zo dadelijk ruim gelegenheid tot vragen. Gezien het tijdstip leek het me raadzaam eerst de innerlijke mens te versterken.’

»»
Pachtland – 2.3. Hebe
  • Groeiroman
jan02

Pachtland – 2.3. Hebe

door Konstantin Mierau

Met elke stoot worden de splinters van de met olie besmeurde werkbank dieper in de pezige kuiten van Grevinghs dochter gedreven. De olie prikt in de wonden; de vrouw jammert zachtjes. Ze steunt met een hand tegen de wand met de steeksleutels, om niet weer haar hoofd tegen de uitstekende haken te stoten. Het zal niet lang meer duren. Ze wist dat dit zou gebeuren toen ze met een fles bier richting de werkplaats kwam, vreemd mens. Ik heb de carburateur behoedzaam opzij gelegd, daarna heb ik haar gegrepen. Ze zal vanavond niet naar de bijeenkomst in de kroeg kunnen lopen. ‘Bedankt voor het bier, en nu naar binnen, vrouw, of moet je nog wat? Ik ga morgen de grens over, en die motor moet op tijd af. Ik moet straks posten bij de kroeg. De ingenieur gaat spreken. Ach, daar snap je toch niets van. Hier, anders poets je nog even m’n laarzen; die kleren van je kun je later ook nog weer maken.’

»»
Pachtland – 2.2. Roggeveen
  • Groeiroman
dec25

Pachtland – 2.2. Roggeveen

door Bram Esser

Langzaam druppelen de mensen binnen. Schuchter zo lijkt het. Ik forceer een glimlach en heet de mensen welkom om hen gerust te stellen. De nacht heeft zijn tol geëist, en het voelt alsof de mist uit de vochtige moerasbodem mijn schedel is binnengedrongen. Er was een stem geweest – ongetwijfeld mijn eigen stem – die voortdurend door de kamers van mijn hoofd joeg en sporen van spinrag heeft achtergelaten. ‘Laat de nachtbloem niet verwelken’, had de stem gezegd. De burgemeester komt binnen; ik geef hem een hand. Ik hoor mezelf informeren naar de gezondheid van zijn vrouw. De burgemeester heb ik al eens gesproken, tijdens zijn bezoek aan het ministerie. Hij heeft een voorliefde voor het dragen van bruine pakken. Ook in de zomer gaat hij gehuld in wol, alleen draagt hij dan een bloem in zijn knoopsgat. Het was voorzichtig manoeuvreren met de burgemeester; geen man die met simpele vooruitzichten gerustgesteld kon worden. Mogelijkheden om vooruit te komen binnen het nieuwe structuurplan leken hem minder te boeien dan de toekomst van zijn dorpelingen. Een echte burgervader, zo op het eerste gezicht. We hebben hem overtuigd van het project: de droge, goed geïsoleerde woningen die we gaan bouwen, de fabriek, de nieuwe landbouwgronden. ‘Al met al zullen uw dorpelingen een hogere kwaliteit van leven krijgen’, heb ik hem voorgespiegeld. We zijn een referendum overeengekomen.

»»
Nr. 17
  • Heupschot
dec24

Nr. 17

door Kostja M.

‘Fok poesjes’ en andere meningen van de broodschrijver over verdwaald huisgedierte.* Ogen op de weg, meisje! Als je zo naar buiten blijft gluren, krijg je nog maagkramp van al dat voorbijgaand blikvoer, snap je wel? Godverdomme, we hebben iets aangereden. Een zwerfkat, zeg je? Wat...

»»
Pachtland – 2.1. Levi
  • Groeiroman
dec16

Pachtland – 2.1. Levi

door Piet Devos

De verchroomde behandeltafel staat leeg te glanzen in het namiddaglicht dat in kleine vlekjes door de vitrages valt. Voor dit tijdstip op een zaterdag is het opmerkelijk rustig. Het lijkt wel een doordeweekse dag; dan komt er - op enkele huisvrouwen met kinderen en bejaarden na - ook niemand op het spreekuur, omdat iedereen naar de akkers moet of naar de suikerfabriek een paar dorpen verderop. Al scheurt de hoest de longen uit hun lijf of piepen hun gewrichten van de kou en het vocht, vóór zaterdag zul je ze hier nooit zien verschijnen. Maar die dag kan het hier dan plots in een ware heksenketel veranderen; zeker als ik tussendoor ook nog meermaals word weggeroepen. Gelukkig is Lidia in staat de meeste basale behandelingen in haar eentje uit te voeren, zodat ik het zaakje met een gerust hart aan haar kan overlaten. Ongetwijfeld is het merendeel van de patiënten maar wat blij, als zij het tijdelijk van me overneemt! Lidia heeft die zachte hand, zowel letterlijk als figuurlijk, die ik naar men zegt zo node mis.

»»
Nr. 31
  • Heupschot
dec15

Nr. 31

door Kostja M.

Autorijden doe je op blote voeten en andere meningen van de broodschrijver over het maatschappelijk verkeer. Stop schat, hoe vaak heb ik niet gezegd dat je niet op hakken moet autorijden. Zo’n pedaal moet blootvoets bewerkt, anders gaat dat beest horten en stoten. Daar is een telefooncel en...

»»
Caïssa. Een zwart-witverhaal
  • Kort Verhaal
dec12

Caïssa. Een zwart-witverhaal

door Piet Devos

Deze schaakpartij, tijdens de avondlijke treinreis van de kust naar het binnenland, heeft iets van een dans, een ritueel dat we schijnbaar mechanisch uitvoeren. Ik weet niet welke hogere macht we er gunstig mee proberen te stemmen - is het de allengs verdwenen onbevangenheid, de herinnering aan ons eigen verleden of gewoonweg de schaakgodin Caïssa? -, maar terwijl zij praat en ik luister, blijven onze handen met regelmatige tussenpozen de kleine, magnetische stukken verplaatsen. Na al die jaren is haar Nederlands zonder meer vlekkeloos te noemen. Toch sluimert misschien ergens in ons het vermoeden dat die taal van zwart-witte geometrie, die we allebei tot in de finesses beheersen, de meeste kans op onderling begrip biedt.

»»
Pachtland – 1.4. Roggeveen
  • Groeiroman
dec10

Pachtland – 1.4. Roggeveen

door Bram Esser

De middagzon hangt als een gebakken ei met gebroken dooier in de melkachtige hemel. Ik laat mij per paard en wagen vervoeren naar Finsterveen. Paard en wagen! Toch het eerste bewijs dat hier hervorming vereist is. Bij Terminus Noord houdt niet alleen het spoor maar ook de beschaving op en begint het ‘bare veld’, zoals ze dat hier noemen, het is inderdaad bar en boos. Infrastructuur bestaat hier uit een overgeërfde modderpoel van boerenweggetjes en paadjes. Over de velden hangt een mysterieuze witte damp, die uit de grond omhoog lijkt te komen. Ik maak aantekeningen in mijn notitieboek, berekeningen, en slechts af en toe dwaalt de blik naar buiten om daar niets te zien. Schimmen van bomen in de mist. Er doemt een toekomstvisioen op; het is de damp afkomstig uit de strokartonfabriek die ik geplant heb.

»»
Nr. 29
  • Heupschot
dec05

Nr. 29

door Kostja M.

De broodschrijver zaait in het buitenland: of toegepaste liefdesbetuiging. Ha. België, daar zijn we dan, meisje. Ik zie een veld, daar moet jij doorheen in dat jurkje van je. Ik wil modder zien aan die bleke kuiten, anders mist dit plaatje diepgang. Wat zeg je? Spannend? Landmijnen? Gehecht...

»»
Pachtland – 1.3. Levi
  • Groeiroman
dec02

Pachtland – 1.3. Levi

door Piet Devos

Zodra ik het smoezelige gordijn van de alkoof heb weggetrokken, is één blik voldoende om vast te stellen dat de patiënt stervende is. Net als bij mijn vorige bezoeken overdekt een koortsige blos het door weer en wind gelooide gezicht van de boer, maar nu schijnt daar ook een onnatuurlijke bleekheid doorheen: de voorbode van de facies mortis. De oude Bennink steunt zachtjes, maar schijnt mijn aanwezigheid in het geheel niet meer gewaar te worden. Hij is ver heen, overgeleverd aan de koortsdromen en de pijn in zijn buik die door de tumor sterk is opgezet. Ditmaal kan ik ongestoord zijn nachthemd openknopen, de instrumenten een voor een uit mijn tas pakken en routineus de nodige metingen verrichten – de temperatuur opnemen, bloeddruk bepalen, hartslag en longen beluisteren. Zelfs het koude ontsmettingsmiddel op zijn huid en de morfine-injectie gaan onopgemerkt aan de oude Bennink voorbij.

»»
Nr. 09
  • Heupschot
dec01

Nr. 09

door Kostja M.

Een goede vrouw wordt serieus genomen, en andere meningen van de broodschrijver over omgang met de medemens. Hey Schat. Wakker worden, ja hier op zolder, op zoek naar het geld. We moeten rap de stad uit, ‘t is bijna negen uur. Dat met die taxichauffeur is niet helemaal goed gegaan. Hij was...

»»
Pachtland – 1.2. Bennink
  • Groeiroman
nov25

Pachtland – 1.2. Bennink

door Martijn Boven

Ik beklim de trappen naar de borg van Grevingh. Vanuit de verte ziet het gebouw eruit als een decorwand uit een Amerikaanse film, maar wie dichterbij komt begrijpt onmiddellijk dat er iets taais en hardnekkigs sluimert in de hoge kamers die erachter schuilgaan. Het is alsof het huis vergroeid is met de man die het met zijn eigen zweet en bloed uit de Groningse kleigrond heeft gestampt, alsof ze samen hebben besloten paal en perk te stellen aan de tekortkomingen van het menselijke ras. Ik kijk omhoog en voel me krimpen bij de primitieve hardnekkigheid van de stenen, de onverschilligheid waarmee ze elke aanval van buitenaf weerstaan. Al maanden glijden de klauwen van de wraak als lange schaduwen over de ramen, maar binnendringen durven ze niet. Ik treed binnen. Ook ik durf niet, maar ik moet. Ik loop de gang in. De intense stilte die zich hongerig op me werpt, vreet aan de kalmte in mijn ingewanden. De eentonige holle klanken die mijn voetstappen uit het binnenste van het huis opdiepen, staan in schril contrast met de wilde, onregelmatige galop van mijn hart.

»»
Nr. 08
  • Heupschot
nov21

Nr. 08

door Kostja M.

‘VIVA-porno’ en andere meningen van de broodschrijver over de vaderlandsche literatuurproductie. Hey schat, ja hier in de bezemkast. Gaat al wat beter; alleen m’n benen zijn in slaap gevallen en de sigaretten raken op. Boodschappentas heb ik al, maar het houdt niet over. Liever geen...

»»
Pachtland – 1.1. Hebe
  • Groeiroman
nov18

Pachtland – 1.1. Hebe

door Konstantin Mierau

‘Fietsen, jonge, een plattelandsagent fietst’, zegt de baas altijd. ‘Een paard kun je moeilijk in de gracht mikken als het lelijk wordt, en die motorfiets van jou die horen ze in Drenthe nog, trappen dus als je die gasten wilt pakken.’ ‘Fietsen, jonge, een plattelandsagent fietst’, zegt de baas altijd. ‘Een paard kun je moeilijk in de gracht mikken als het lelijk wordt, en die motorfiets van jou die horen ze in Drenthe nog, trappen dus als je die gasten wilt pakken.’ Kan die lekker zeggen in z’n hok. Ik moet de hort op. Vlak is het. Modder kruipt langs je broekspijpen omhoog en de wind fluit om je vingers tot ze verkrampen. Moeders zei: ‘De lucht is hier zo vochtig dat je kleren altijd nat blijven.’ Had ze maar niet in het Noorden geboren moeten worden. Een sperwer stijgt op van de wegwijzer bij de kruising en laat zich vallen op een veldmuis.

»»
Over de groeiroman
  • Groeiroman
nov17

Over de groeiroman

door Katapult

Lees hier meer over 'Pachtland, een groeiroman': Iedere vrijdag publiceren we een hoofdstuk uit onze ‘groeiroman’: een experimentele internetroman in feuilletonvorm. Deze roman heeft een meervoudig vertelperspectief. Het is dan ook niet het werk van één, maar van vier schrijvers. Om de beurt leveren zij een hoofdstuk in waarin zij telkens het perspectief van een van de personages kiezen. Het verhaal speelt zich af in een fictieve streek in Oost-Groningen ten tijde van het interbellum.

»»
Poolse knoeiers
  • Brieven
nov16

Poolse knoeiers

door Martijn Boven

Geachte wijkgenoten, Ik ben eigenaar van bouwbedrijf Eggens, en woon hier in de wijk. Het is mijn gewoonte niet me uit te laten over dingen die me niet aangaan, of iets te zeggen over dingen die me weliswaar aangaan maar waar ik geen zeggenschap over heb. Ik heb er daarom lang over getwijfeld de brief aan te vangen die u, geachte wijkgenoten, zo-even in de hand hebt genomen, en die u alleen moet lezen als u een Nederlander bent, en niet als u wat anders bent. Niemand kan zeggen dat ik geen goed werk lever – ik ben lid van de NVB, de Nederlandse Vereniging voor Bouwondernemers – niemand kan iets op mijn bedrijf aanmerken. Dat is bij de Poolse timmerlui die onze wijk met folders bestoken, wel anders. Ik heb het beste met u voor als ik u voor hen waarschuw: het zijn oplichters en knoeiers. Ik heb niets tegen Polen op zich. Wil men buitenlanders een kans geven, goed! Maar laat ze niet ons werk afpakken door onder de prijs te gaan zitten. En wie hier wil werken, moet eerst maar eens Nederlands leren. "Wij doen reparatie tegen goed prijs," schrijven ze op die grijze papiertjes die je overal op straat aantreft, en die zo onze mooie wijk vervuilen. Dit zou ik toejuichen, als het in correct Nederlands was opgesteld en als het de waarheid betrof. Maar nu dat niet het geval blijkt, vrees ik voor het lot van onze wijk. Als ik geen goed Nederlands spreek, moet ik ook niet willen werken in een wijk waar men dat wel doet, en waar men kwaliteit meer op prijs stelt dan lage prijzen en slecht werk.

»»
Politiegeweld en pepernoten
  • Heupschot
nov15

Politiegeweld en pep...

door Kostja M.

‘Fok schrijven’ en andere meningen van de broodschrijver over de maatschappelijke relevantie van zijn vak. Hey schat, ik voel iets borrelen. Een en ander moet meteen neergepend. Inderdaad, ik sta onder de douche. Badmuts op en een fles Beefeater met een rietje, op zoek naar m’n comfort...

»»
Nr. 07
  • Heupschot
nov14

Nr. 07

door Kostja M.

Expedities van de broodschrijver door de wereldliteratuur, of: doen wat Odysseus nooit gelukt is. Hey schat, wakker worden! Nee hier, onder het bed, in ontwenning. Pak gauw een boodschappentas, anders komt dit feest nooit los. Nee, liever die katoenen, dat vlekt beter. Zonder sporen geen...

»»
Yorick, een held van onze tijd
  • Kort Verhaal
nov10

Yorick, een held van onze tijd

door Petrus Spasmati

Dit is een klein dorp. En zoals alle kleine plaatsjes heeft het iets weg van een muziekdoos die zijn toneelstukje begint af te draaien zodra er een vreemde binnenkomt. Verwonder u dus niet, vreemdeling, over wat u te zien krijgt als u hier binnentreedt. Het is het bekende liedje en veel van hetzelfde. Het dorp kent verschillende bonte personages die u allen kunt ontmoeten. Kom dus binnen, aarzel niet. U bent welkom zoals elke vreemdeling welkom is in kleine plaatsjes. Het kost u niets. De toegangskaartjes die ik nu voor u zal knippen, zijn alleen maar voor de grap. Een attractie laat u zich toch niet ontgaan? Tot lering en vermaak. Van...

»»
Nr. 06
  • Heupschot
nov08

Nr. 06

door Kostja M.

Plannen om beroemd te worden of: Expeditie van de broodschrijver door de plaatselijke schrijverskringen. Hey schat, hier is het plan: vanavond gaan we binnenwandelen bij de plaatselijke voorleesavond. Opdracht van de uitgever. Heeft het niet begrepen, maar wat wil je, voorlopig zijn we z’n...

»»
Maalstroom
  • Kort Verhaal
nov04

Maalstroom

door Bram Esser

Wij zijn Ithamar en Jalaa Lipschitz. We wonen in een kleine joods-orthodoxe buurt ergens in de stad. Waar precies ten opzichte van het centrum durven we niet te zeggen. In het centrum zijn we nog nooit geweest. ‘Onze plek is aan de rand van de samenleving’, zegt vader altijd. Hij zegt dit steeds vaker. Soms met de toevoeging: ‘Dat is al eeuwen zo en zal altijd zo blijven.’ ‘Vader is niet langer zichzelf,’ zegt moeder. Dat zien wij ook. Vader gaat er zichtbaar onder gebukt dat hij zichzelf niet is. Zijn bescheiden maar gewaardeerde positie in de gemeenschap is hij kwijtgeraakt. Hij werkte in een fotowinkel en overhandigde mensen...

»»
Nr. 67a
  • Heupschot
nov01

Nr. 67a

door Kostja M.

Excursies van de broodschrijver in het vaderlandsche medialandschap Goedemiddag, Henk-Jan, lieve luisteraars. Jullie favoriete broodschrijver is hier al meer dan half uur jeuk aan het krijgen voor 29 seconden zendtijd. Dank uiteraard voor de aandacht. Hoop dat je’t kunt volgen. Maar een ding...

»»
Johan
  • Kort Verhaal
okt26

Johan

door Martijn Boven

‘Weet je wie ik daarnet zag?’ zei Rineke. ‘Jantina! Zoiets geloof je toch niet. Dat die haar gezicht hier durft laten zien. Denkt ze soms dat we alles vergeten zijn? Nou dat heeft ze mooi mis. Die krijgt van mij geen hand.’ Johan telde de blauwe jassen die aan de kapstok hingen. Zestien. Een hoge score. Johan hield van blauw. Blauw was altijd mooi. ‘Onbestaanbaar,’ zei Alie, ‘en dan die begrafenisondernemer, die Wiskerke.’ ‘Mama,’ zei Margje, ‘kom even mee.’ Johan zag ook een witte jas. Maar die telde niet, want daar zat Margje in. Alleen lege jassen telden. ‘Margje,’ zei Rineke, ‘even wachten, ik ben nu in...

»»
Nr. 23b
  • Heupschot
okt25

Nr. 23b

door Kostja M.

Plannen om rijk te worden Hey schat, hier is hoe het is: ik stap uit bed en dan zul je het zien. We gaan die shit in de markt zetten. Ik heb smaak, dus ik kan het weten (jij ook natuurlijk maar meer op een soort eigen manier). Nooit meer derdehands, nooit meer plastic boodschappentas, nooit...

»»
De ontmoeting
  • Kort Verhaal
okt20

De ontmoeting

door Piet Devos

Vreemd dat jouw woordeloze verschijning voor mij louter in taal herrijzen kan. Een taal die puntig onder mijn vingertoppen moet groeien, dezelfde vingertoppen waarin de herinnering woekert aan de holte van je elleboog, de zachte belofte van je kleine oorschelp schuilgaand achter zonverhitte haren. Geen stem, die me citaten had kunnen schenken, die mijn interpretatie van het voorval aanzienlijk had kunnen vergemakkelijken. En toch, dat geef ik toe, was het anderzijds precies dat onverbreekbare zwijgen waaruit het ongehoorde van onze ontmoeting sprak. Het behoedde ons voor opgebruikte zinsneden over de mooie nazomer. Die hadden we ook niet...

»»
Nr. 11a
  • Heupschot
okt15

Nr. 11a

door Kostja M.

Spoedtekst door de resultaatgerichte broodschrijver of: Wie wordt er blij van een dode mus? Doel: Geruststellend betoog voor bittere tijden, melancholische ondertoon, terloopse verwijzing naar hedonistische levensinstelling, pseudo-optimistische uitsmijter, punt. Resultaat: “Het valt...

»»
Nr. 01
  • Heupschot
okt09

Nr. 01

door Kostja M.

Boodschappenlijst voor de beginnende schrijver: Hey schat, kun je dit spul allemaal even halen, ik ben niet zo in de stemming voor boodschappen vandaag… ehh… ik bedoel je weet toch als ik in de buurt van mensen kom dan slinkt mijn inspiratie naar het vriespunt. Of kan ik alleen maar aan...

»»
Ten aanvang
  • Kort Verhaal
okt05

Ten aanvang

door Petrus Spasmati

In het heimelijke der aardkloot groeit het kruipend Vocht al voller. Het slokt en sleurt het hart uit de aarde. Al loerend naar een vergeten schimmel die daar huist. Die schimmel is de laatste en de eerste, de droom en de dromer, de dans en de danser. Ja, hij is het die zich daar al jaren ophoudt en al die tijd volhardt in zijn zinloze bijzijn. Er is voor hem geen uitvlucht. Voor wat hij doet is nergens grond. Aldaar een vlerk die, de schimmel toebehorend, met bevende rimpels op de muren kladdert. Steeds dezelfde woorden. Steeds dezelfde. Niemand bevroedt waarom die schimmel dat uitvreet. Niemand die zich daarover opkookt. Alleen het Vocht...

»»

Verspreid kortproza

Volg ons

Subscribe via RSS Subscribe via Email Subscribe via Twitter Subscribe via Facebook

Auteurs

  • Bram Esser RSS feed (9)
  • Gilles Debris RSS feed (2)
  • Katapult RSS feed (3)
  • Konstantin Mierau RSS feed (3)
  • Kostja M. RSS feed (15)
  • Martijn Boven RSS feed (6)
  • Petrus Spasmati RSS feed (2)
  • Piet Devos RSS feed (5)

Archief

  • februari 2012 (5)
  • januari 2012 (8)
  • december 2011 (12)
  • november 2011 (12)
  • oktober 2011 (8)

Categorieën

  • Brieven (1)
  • Groeiroman (15)
  • Heupschot (15)
  • Ik ben diegene die u zoekt (3)
  • Kort Verhaal (7)
  • Proza brokje (2)
  • Toelichting (1)
  • Uncategorized (1)

Blogroll

  • De Contrabas
  • De Reactor
  • Hof/Haan
  • JJ Polet
  • Meander
  • nY

Designed by Elegant Themes | Powered by Wordpress