Poolse knoeiers

 

Geachte wijkgenoten,

 

Ik ben eigenaar van bouwbedrijf Eggens, en woon hier in de wijk. Het is mijn gewoonte niet me uit te laten over dingen die me niet aangaan, of iets te zeggen over dingen die me weliswaar aangaan maar waar ik geen zeggenschap over heb. Ik heb er daarom lang over getwijfeld de brief aan te vangen die u, geachte wijkgenoten, zo-even in de hand hebt genomen, en die u alleen moet lezen als u een Nederlander bent, en niet als u wat anders bent.
Niemand kan zeggen dat ik geen goed werk lever – ik ben lid van de NVB, de Nederlandse Vereniging voor Bouwondernemers – niemand kan iets op mijn bedrijf aanmerken. Dat is bij de Poolse timmerlui die onze wijk met folders bestoken, wel anders. Ik heb het beste met u voor als ik u voor hen waarschuw: het zijn oplichters en knoeiers.
Ik heb niets tegen Polen op zich. Wil men buitenlanders een kans geven, goed! Maar laat ze niet ons werk afpakken door onder de prijs te gaan zitten. En wie hier wil werken, moet eerst maar eens Nederlands leren. “Wij doen reparatie tegen goed prijs,” schrijven ze op die grijze papiertjes die je overal op straat aantreft, en die zo onze mooie wijk vervuilen. Dit zou ik toejuichen, als het in correct Nederlands was opgesteld en als het de waarheid betrof. Maar nu dat niet het geval blijkt, vrees ik voor het lot van onze wijk. Als ik geen goed Nederlands spreek, moet ik ook niet willen werken in een wijk waar men dat wel doet, en waar men kwaliteit meer op prijs stelt dan lage prijzen en slecht werk.
Ja, dat hoort u goed, geachte wijkgenoten, slecht werk! Als ik in mijn vak – ik ben eigenaar van bouwbedrijf Eggens, en woon hier in de wijk – aan een afnemer – een afnemer is een bedrijf dat bij ons een aantal huizen bestelt – een huis opleverde, waarin maar een klein gedeelte van de constructiefouten voorkwam die in het knoeiwerk van die Polen de hoofdzaak uitmaken, dan zouden ze me direct voor de rechter slepen.
Ik zeg: kwaliteit en redelijke prijzen, en hier blijf ik bij. Aan de hartstocht die ik voor mijn vak voel, hebt u te danken dat ik u via deze brief waarschuw voor die lieden die thuis hun vrouw slaan en hun kinderen op de vuilnisbelt laten spelen.
Voor reparaties kunt u altijd bij mij terecht – normaal doe ik zulke klussen niet, maar voor mensen uit de wijk maak ik graag een uitzondering, zo ben ik nu eenmaal. Bovendien heb ik opgemerkt dat mensen die zich met Polen inlaten gewoonlijk slecht wegkomen. Wie wil dat er ongelukken gebeuren, moet vooral bij hen aankloppen.

 

Hoogachtend,

 

Uw toegenegen dienaar,

 

Fokko Eggens